Onze ambities

Vanuit de gemeentelijke woonvisie 2010 – 2015 is een klankbordgroep, voor de gemeente samengesteld van partijen op de gebieden van Wonen, Welzijn en Zorg. Dit beoogde een meer integrale aanpak op deze gebieden. De klankbordgroep is omgevormd tot een Stuurgroep in 2013. Dit gaf uitdrukking aan een “gedeelde verantwoordelijkheid” van partijen, waaronder de gemeente. Eind 2013 stelde de Stuurgroep zich de vraag om tot één ambitie te komen voor een netwerk en daaruit ook een aanzet te geven tot een opdracht voor een te vormen Kerngroep. In die opdracht zou het streven naar de “participatiesamenleving” tot uitdrukking moeten komen.

De Stuurgroep wilde een ambitie die:

  • één eindbeeld zou geven om naar toe te werken;
  • is ingegeven vanuit burger- en samenlevingsbelang;
  • door de lange termijn waarop we kijken en door de (onzekere) inhoud, los gezien moet
    worden van huidige organisaties, geldstromen en andere systemen;
  • wel verbindt en krachten los maakt.

Hieronder wordt beschreven wat de Stuurgroep uiteindelijk vaststelde eind 2014. We maken onderscheid tussen de ambitie (wat?) en de wijze (hoe?) waarop we er aan gaan werken. Omdat de “hoe-vraag” wat zegt over de haalbaarheid en de drempels die we moeten slechten gaan we daar wel kort op in.

Ambitie/eindbeeld

Het komen tot een samenleving waarin de burger stimulansen krijgt zelf verantwoordelijkheid te nemen en te dragen én actief een bijdrage levert aan ondersteuning aan familie, vrienden, buren, de wijk en de bredere samenleving.

Deze ambitie is samengesteld uit verschillende teksten over de participatiesamenleving.

  • Ze zet de burger centraal;
  • geeft veranderrichting (meer verantwoordelijkheid nemen en stimuleren);
  • bepaalt de veranderaanpak (vanuit de mens en kleinste deel van de samenleving);
  • duidt het veld in een oplopende reikwijdte en vermogen van de burger (van familie tot de brede samenleving);
  • ze geeft een opdracht én verantwoordelijkheid aan overheid, instellingen en bedrijfsleven om ondersteuning te (blijven) bieden waar nodig (wordt gevonden).
Hoe gaan we dat bereiken?

Het bereiken van het einddoel vereist een transitie. Overheid, instellingen, bedrijven en burgers zullen daar aan bijdragen door zelf te transformeren.

Over die transformatie een paar aardige quotes:

“Zelfsturing is geen doel op zich, maar een weg waarlangs een gemeenschap kan werken aan een eigen, leefbare toekomst”

“Alleen als de burger zelf naar mogelijkheden zoekt om mee te doen zou de participatiesamenleving gestalte kunnen krijgen. De kleine lokale gemeenschap en de burger zelf vormen de bron van maatschappelijke actie”.

“Hoofduitdaging van bestuurlijke organen en van de samenleving zelf, om opvattingen van zelfredzaamheid te veranderen van ‘zoveel mogelijk zelf doen met behulp van professionele zorgverleners’ naar ‘zoveel mogelijk zelf doen met behulp van de directe sociale omgeving’. Dit vereist dus een “cultuuromslag bij burgers”

“Het blijkt dat in het algemeen een regisserende rol en geen uitvoerende rol voor gemeenten wordt weggelegd. Ze bemiddelen en coördineren de bestaande sociale structuren, initiatieven en organisaties. Behalve dat gemeenten als opdrachtgever en instellingen als opdrachtnemer te zien zijn, worden instellingen ook gezien als bondgenoten voor gemeenten in de transities. Voor de instellingen geldt dat zij dezelfde grondhouding als gemeenten zouden moeten hebben tegenover burgers: faciliterend en uitnodigend. Zorg voor de meest kwetsbare burgers blijft belangrijk maar daarnaast wordt steeds belangrijker: betrekken van familie, vrienden, buurtbewoners en vrijwilligers bij leefbaarheid, zorg en welzijn; ondersteunen en stimuleren van mantelzorgers, vrijwilligers en burgerinitiatieven; verbindingen leggen in wijken; bemiddelen, faciliteren, verwijzen; het initiëren van (nieuwe) preventieve en collectieve oplossingen.
Oftewel het ondersteunen en inzetten van bestaande participatiecontexten. De rol van burgers ligt in het mee willen doen en actief naar mogelijkheden zoeken om meer regie over hun leven te kunnen voeren. Ook moet er een actieve houding worden aangenomen als het gaat om het verlenen van hulp en het ondersteunen van elkaar. De zoektocht naar een participatiesamenleving is een zoektocht naar een andere cultuur, die gedragen wordt door zowel overheden, instellingen als burgers.

Custers (2012) stelt dat er alleen een goede rolverdeling kan worden gevonden als er een wederzijdse en constante dialoog tussen gemeenten, instellingen en burgers gevoerd wordt. “In deze dialoog wordt gezamenlijk gezocht waar de grenzen van […] verantwoordelijkheid van burgers liggen en hoe deze grenzen verlegd kunnen worden om de openbare ruimte voor burgers ‘op te rekken “.

Het netwerk WWW&ZO en de Kerngroep

Het gaat om een tranformatie, tijdens welke de hoofdzorg moet blijven dat er voor de burger voldoende ondersteuning geboden blijft worden. Het gaat niet om het overleven van instellingen, instituten, bedrijven. Tijdens de transitie is de wederzijdse en constante dialoog nodig. We zullen elkaar stimuleren, helpen, wijzer maken, kracht geven.

Waar uiteindelijk 46.000 burgers bereikt worden is een wijde vertakking nodig : een netwerk. Hiërarchie of centrale sturing is geen optie. Het huidige netwerk zal verbreden als we dat ondersteunen. Partijen worden meegezogen in de tranformatie op basis van kansen en verleiding, niet op basis van verplichting.

De Kerngroep stuurt op en ondersteunt, de vorming van effectieve netwerken die de transformatie verwezenlijken. Dat doet ze onder meer door:

  • Sturen op transformeren en niet op resultaat;
  • Innovatie aanjagen en ondersteunen;
  • Netwerken faciliteren en in beeld brengen.

De effectiviteit van de netwerken is te toetsen op:

  • (hoeveelheid en soort) transacties;
  • geld (hoeveel geld passeert de lijnen in het netwerk);
  • vertrouwen van partners in het netwerk;
  • aanwezige of te ontwikkelen kennis.

Samenstelling en werkwijze Kerngroep:

  • De Kerngroep bestaat uit vertegenwoordigers uit het netwerk, van overheid, instellingen, bedrijven en burgers;
  • De omvang is maximaal 12 leden (2 overheid, 2 formele zorg, 2 informele zorg, 2 wonen (1 corpo, 1 particulier), 2 bedrijven en 2 burgers (bijvoorbeeld vanuit dorpsraden);
  • De samenstelling wordt gebaseerd op competenties, waarbij wordt gedacht aan:
    – Visie;
    – Cultuuromslag ;
    – Proactief;
    – Ontwikkelingsgericht;
    – Boven sector- en deelbelangen kunnen denken
  • De voorzitter wordt gekozen uit het midden;
  • De Kerngroep werkt vooralsnog voor een periode van twee jaar. Het vervolg zal worden bepaald op basis van een evaluatie.
  • De Kerngroep wordt ondersteund door een secretaris en een communicatieadviseur;
  • De Kerngroep besluit over de facilitering van de netwerken en beschikt over een up-to-date ICT-platform (internet, social media), ook ter beschikking voor het netwerk WWWenZO;
  • In het netwerk kunnen meerdere platforms ontstaan die zich zelf oprichten en in stand houden;
  • De Kerngroep werkt op basis van een actie-gerichte agenda per jaar/periode.
Financiering

Kosten en dekking per rubriek:

  • Bemensing (leden stuurgroep, 8 dagdelen per jaar p.p.);
    dekking: door leverende organisaties;
  • Ondersteuning (secretaris en communicatieadviseur, samen 2 dagen per maand);
    dekking: door gemeente
  • Bijeenkomsten stuurgroep (horeca);
    dekking: door ontvangende organisaties
  • Netwerkbijeenkomsten (horeca, sprekers, publiciteit);
    dekking: door gemeente
  • ICT
    dekking: door gemeente.
De naam van het netwerk WWW&ZO

De naam kan worden gelezen vanuit meerdere perspectieven. WWWenZO staat voor:

  • welzijn, werk, wonen & zorg en onderwijs als sectoren waarvan primair inzet wordt
    gevraagd;
  • “enZO ” staat voor een oproep om deel uit te maken van het netwerk aan ieder zie zich niet
    verbonden voelt met “wonen, werken, welzijn, zorg en onderwijs”;
  • de “O” kan gelezen worden als “Overbetuwe” waar we allemaal de gewenste
    participatiesamenleving vormen;
  • “WWW” staat voor “netwerk”, naar analogie van het “world wide web” wat we willen zijn
    in de hele Overbetuwe tot en met elke burger en organisatie als deelnemer.